• ZWK Merlet

Omgangsregels

18-04-'17
  1. Ik accepteer en respecteer de ander zoals hij is en discrimineer niet. Iedereen telt mee binnen de sportvereniging
  2. Ik houd rekening met de grenzen die de ander aangeeft
  3. Ik val de ander niet lastig
  4. Ik berokken de ander geen schade
  5. Ik maak op geen enkele wijze misbruik van mijn machtspositie
  6. Ik scheld niet en maak geen gemene grappen of opmerkingen over anderen
  7. Ik negeer de ander niet
  8. Ik doe niet mee aan pesten, uitlachen en roddelen
  9. Ik vecht niet, ik gebruik geen geweld, ik bedreig de ander niet
  10. Ik kom niet ongewenst dichtbij en raak de ander niet tegen zijn of haar wil aan
  11. Ik geef de ander geen ongewenste seksueel getinte aandacht
  12. Ik stel geen ongepaste vragen en maak geen ongewenste opmerkingen over iemands persoonlijk leven of uiterlijk
  13. Als iemand mij hindert of lastig valt dan vraag ik hem/haar hiermee te stoppen. Als dat niet helpt, vraag ik een ander om hulp
  14. Ik help anderen om zich ook aan deze afspraken te houden en spreek degene die zich daar niet aan houdt erop aan en meldt dit zo nodig bij het bestuur

ALGEMENE REGELS BETREFFENDE ONGEWENST GEDRAG

Melding van ongewenst gedrag:
Iedereen binnen de zwemvereniging van ZWK Merlet is verplicht klachten over of signalen van ongewenst gedrag te melden, in eerste instantie bij de voorzitter van de betreffende commissie. Een incident over ongewenst gedrag kan op verschillende zijden aan het licht komen. Een verenigingslid, begeleider/lesgevende, een kaderlid, afdelingscommissie, bestuur, via de ouders of iemand anders.

Maatregel na de melding:
Degene die de melding ontvangt informeert direct het Dagelijks Bestuur van ZWK Merlet. Het Dagelijks Bestuur dient ervoor zorg te dragen dat de melding met alle zorgvuldigheid wordt omkleed. Het Dagelijks Bestuur wijst desnoods een coördinator aan die het hele proces bewaakt. De ervaring leert dat er in korte tijd heel veel gebeurt en het dan ook aanbeveling verdient het proces middels een logboek zorgvuldig bij te houden.

Coördinatie:
Zodra de coördinator is aangewezen moet deze in overleg met het Dagelijks Bestuur van ZWK Merlet de melding van ongewenst gedrag direct melden bij de KNZB. Ook kan hij daar met eventuele vragen terecht. Uiteraard heeft een en ander ook te maken met juridische stappen die eventueel tegen de zwemvereniging kunnen worden ondernomen. Betrokkenen dienen door de coördinator erop te worden gewezen dat zij voor het doen van aangifte of advies terecht kunnen bij de afdeling Jeugd- en Zedenzaken van de politie. Ook zal de coördinator Bureau Slachtofferhulp indien nodig moeten inschakelen en erop moeten toezien in overleg met het bestuur of het noodzakelijk is om de gehele vereniging van het voorval in kennis te stellen.
De coördinator dient alleen de feiten van de melding te noteren om te voorkomen dat hij verstrikt raakt in allerlei belangen etc.

Bewijs van goed gedrag:
Een ieder die binnen de zwemvereniging ZWK Merlet zich wil gaan bezig houden met begeleiding en/of lesgevende activiteiten dient op verzoek een bewijs van goed gedrag te kunnen overhandigen. Uitzondering hierop zijn trainers/lesgevers uit de eigen opleiding.


GEDRAGSREGELS TER PREVENTIE VAN SEKSUELE INTIMIDATIE IN DE SPORT GERICHT OP BEGELEIDING

  1. De begeleider moet voor een omgeving en sfeer zorgen waarbinnen de sporter zich veilig voelt (te bewegen).
  2. De begeleider onthoudt zich ervan de sporter te bejegenen op een wijze die de sporter in zijn waardigheid aantast, en verder in het privéleven van de sporter door te dringen dan nodig is voor het gezamenlijk gestelde doel.De begeleider onthoudt zich van elke vorm van seksueel machtsmisbruik of seksuele intimidatie tegenover de sporter.
  3. Seksuele handelingen en seksuele relaties tussen de begeleider en de jeugdige sporter tot 16 jaar zijn onder geen beding geoorloofd en worden beschouwd als seksueel misbruik.
  4. De begeleider mag de sporter niet op zodanige wijze aanraken dat de sporter en/of de begeleider deze aanraking naar redelijke verwachting als seksueel of erotisch van aard zal ervaren, zoals doorgaans het geval zal zijn bij het doelbewust (doen) aanraken van geslachtsdelen, billen en borsten.
  5. De begeleider respecteert de sporter in blik, woord, gebaar en maakt van hem/haar geen beeldopnames, tenzij sporter  en/of hun ouders zelf om het maken van beeldopnames verzoeken en in dat geval op zodanige wijze dat de sporter niet wordt aangetast in zijn waardigheid en de beeldopname niet als seksueel kan worden ervaren.
  6. De begeleider onthoudt zich van seksueel getinte verbale intimiteiten.
  7. De begeleider zal tijdens training(stages), wedstrijden en kampreizen gereserveerd en met respect omgaan met de sporter en de ruimten waarin de sporter zicht bevindt, zoals de douches, kleed- en hotelkamer.
  8. De begeleider heeft de plicht de sporter te beschermen tegen schade en (machts)misbruik als gevolg van seksuele intimidatie. Daar waar bekend of geregeld is wie de belangen van de (jeugdige) sporter behartigt, is de begeleider verplicht met deze personen of instanties samen te werken opdat zij hun werk goed kunnen uitoefenen.
  9. De begeleider zal de sporter geen (im)materiële vergoedingen geven met de kennelijke bedoelding tegenprestaties te vragen. Ook de begeleider aanvaardt geen financiële beloning of geschenken van de sporter die in onevenredige verhouding tot de gebruikelijke dan wel afgesproken honorering staan.
  10. De begeleider zal er actief op toezien dat de regels door iedereen die betrokken is bij de sporter worden nageleefd. Indien hij gedrag signaleert dat niet in overeenstemming is met de regels zal hij de betreffende persoon daarop aanspreken.
  11. In die gevallen waarin de gedragsregels niet (direct) voorzien, ligt het binnen de verantwoordelijkheid van de begeleider in de geest hiervan te handelen.

TOELICHTING OP DE GEDRAGSREGELS

Ad 1            De sporter moet als mens worden gerespecteerd. Er mag geen onderscheid worden gemaakt naar of nadruk gelegd worden op godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht, nationaliteit, seksuele gerichtheid, culturele achtergrond, leeftijd, lichamelijke kenmerken of burgerlijk staat. Dat betekent dat de sporter zich zowel tijdens het sporten maar ook daarbuiten, bijvoorbeeld in de kleedruimtes, veilig moet voelen en het gevoel moet hebben dat hij zich -letterlijk- vrij kan bewegen.

Ad 2             Hierbij gaat het erom dat de begeleider niet onnodig indringt in het privéleven van de sporter, bijvoorbeeld door het stellen van vragen, het maken van afspraken, het opnemen van contact, et cetera. Als het echt nodig is, bijvoorbeeld vanwege belangen van de sporter, kan hierop natuurlijk een uitzondering worden gemaakt.

Ad 3            De begeleider mag zijn specifieke situatie en relatie niet gebruiken voor doeleinden ten eigen nutte, welke in strijd zijn met zijn verantwoordelijkheid voor de sporter of die de grenzen van de relatie overschrijden. Grensoverschrijdend kan bijvoorbeeld zijn:
–      Bevrediging van eigen seksuele en/of agressieve verlangens;
–      Een seksueel/erotisch geladen sfeer scheppen;
–      De sporter op een niet functionele wijze bekijken, waarbij de ogen gericht zijn op de geslachtskenmerken;
–      Met seksueel gedrag ingaan op verliefde gevoelens, seksuele verlangens of fantasieën van de sporter;
–      Vormen van aanranding;
–      Exhibitioneren.

In de (professionele) relatie met de sporter kunnen bij beide gevoelens ontstaan die zich niet verhouden met de relatie tot het trainen, begeleiden en dergelijke. Deze gevoelens kunnen bijvoorbeeld zijn: verliefdheid, afkeer of agressie. Beide partijen moeten alert zijn op deze gevoelens. De begeleider moet, zelfs als de sporter dat verlangt of daartoe uitnodigt, dan ook niet metterdaad ingaan op seksuele en/of al dan niet agressieve toenaderingspogingen, dan wel zelf dergelijke toenaderingspogingen ondernemen. Seksuele handelingen en (geforceerde) seksuele relaties tussen begeleider en sporter worden ten sterkste afgeraden. Door partijen moeten zo snel mogelijk maatregelen worden genomen ter voorkoming van escalatie van hun ‘relatie’, in welke vorm dan ook. Hierbij kan gedacht worden aan verbreking van één van de twee verhoudingen, die van de seksuele –of begeleidingsrelatie.

Ad 4            Tussen volwassenen en jeugdigen is sprake van een natuurlijk overwicht. Het natuurlijk overwicht van de ‘dader’ en angst voor de gevolgen maken het vele malen moeilijker om hem ‘lik op stuk’ te geven bij ongewenst gedrag. Al dan niet jeugdige sporters die op het moment zelf wel positief staan tegenover seksueel contact, bijvoorbeeld omdat zij verliefd zijn op de begeleider, realiseren zich vaak pas achteraf dat bij het gebeurde vele vraagtekens zijn te plaatsen. Veelal blijkt dan dat hun eventuele instemming op dat moment niet écht’ was.

Ad 5         Uitgangspunt is dat de sporter het als seksueel intimiderend ervaart. Dit kan bijvoorbeeld zijn:
–      bij begroeten of afscheid nemen te lang de hand vasthouden
–      iemand naar je toe trekken om te kussen
–      zich tegen de sporter aandrukken
–      andere ongewenste aanrakingen

De begeleider dient ervoor te zorgen dat daar waar lichamelijk contact noodzakelijk en functioneel is voor de sportbeoefening, dit contact of deze aanrakingen nooit verkeerd –in de zin van seksueel intimiderend- kan worden geïnterpreteerd.

Ad 6            Hierbij kan gedacht worden aan:
–      Seksueel getinte opmerkingen en insinuaties, zoals grove taal en schuine moppen, onder het mom van ‘dat moet kunnen’
–      Het stellen van niet functionele vragen –vaak onnodig in detail- over het seksleven van de sporter, bijvoorbeeld over masturbatie, frequentie en vormen van vrijen.

Ad 7            Gereserveerd en met respect omgaan met de sporter betekent  bijvoorbeeld dat :
–             De begeleider en de sporter bij voorkeur niet met z’n tweeën op reis gaan, maar met bijvoorbeeld een extra begeleider of meerdere sporters
–             De begeleider en sporter in ieder geval niet op één kamer slapen
–            De sporter bij voorkeur niet alleen thuis bij de begeleider wordt ontvangen.

Gereserveerd en met respect omgaan met de ruimtes waarin de sporter zich kan bevinden betekent dat de sporter zich daar veilig moet voelen, zijn privacy is gewaarborgd en sociale controle niet is uitgesloten.

Hierbij kan onder andere gedacht worden aan:
–      Het niet zonder aankondiging de kleed- of hotelkamer betreden
–      Het open laten staan van de deur na het binnentreden, tenzij duidelijk is dat beiden behoefte hebben aan een zekere privacy dan wel overleg met de sporter niet in de kleed- of hotelkamer houden, maar in een niet-intieme ruimte. Een uitzondering wordt uiteraard gemaakt voor het coachen tijdens wedstrijden, dan is het veelal noodzakelijk zich ergens rustig terug te trekken.

  • Als de situatie een één-op-één setting vergt, overlegt de begeleider dit met zijn/haar collega’s en vraagt de ouders om toestemming.
  • Trainingsruimte voor iedereen zichtbaar is.     

Ad 8            Binnen zijn mogelijkheden heeft de begeleider de verantwoordelijkheid voor de veiligheid en het welzijn van de sporter. De begeleider zal de daarvoor redelijke en noodzakelijke maatregelen moeten nemen ter voorkoming van lichamelijke en geestelijke schade en misbruik veroorzaakt door seksuele intimidatie. De begeleider zal moeten samenwerken met of van informatie voorzien van bijvoorbeeld jeugdconsulenten, vertrouwenspersonen of ouders. De begeleider zal feiten van vertrouwelijke aard, aan hem toevertrouwd, te allen tijde dienen te respecteren. Er zullen slechts mededelingen aan derden worden gedaan, indien ook maar mogelijk in overleg met de sporter, wanneer hij ervan overtuigd is dat de belangen van de sporter of zijn omgeving hiermee zullen zijn gediend.

Ad 9            Door vergoedingen dreigen de objectiviteit van het handelen en de onafhankelijke positie van de begeleider dan wel de sporter in het gedrang te komen. Hierdoor kan een voedingsbodem ontstaan voor seksuele intimidatie en seksueel misbruik.

Ad 10          De begeleider heeft een voorbeeldfunctie. Hij zal maatregelen moeten nemen op het moment dat hij grensoverschrijdend gedrag constateert. In eerste instantie dient hij de betreffende persoon erop aan te spreken. In tweede instantie het bevoegd gezag, dat wil zeggen het bestuur of KNZB of directie zwembad. De sporter zal ook geholpen moeten worden. De begeleider kan hem bijvoorbeeld verwijzen naar een vertrouwenspersoon of een klacht laten indienen.

Ad 11           Dit betekent dat de begeleider ook alert moet zijn op gedragingen die niet direct seksueel intimiderend zijn, maar wel als  grensoverschrijdend worden ervaren. Ook in dit geval dienen door hem passende maatregelen genomen te worden, zoals het aanspreken van de betreffende persoon.


ZWK Merlet voelt zich moreel verplicht voor haar leden/begeleiders/lesgevers adequate gedragsregels  op te stellen. Alle begeleiders/lesgevers dienen kennis te nemen en te dragen van de gedragsregels ter preventie van seksuele intimidatie en andere ongewenste gedragingen in de sport tussen begeleider/lesgevende en de sporter.

Grensoverschrijdend gedrag

1. Seksuele intimidatie

Er bestaan veel uitingsvormen van seksueel misbruik. Verschillende gedragingen zijn door het duidelijk karakter niet voor tweeërlei uitleg vatbaar. Bij andere gedragingen kunnen vloeiende overgangen bestaan tussen wat je wel en wat je niet als seksueel kunt typeren. De volgende definitie geeft daarover duidelijkheid:
“Elke vorm van seksueel gedrag of seksuele toenadering, in verbale, non-verbale of fysieke zin, opzettelijk of onopzettelijk, die door de persoon die het ondergaat als ongewenst of gedwongen wordt ervaren”.

Wat zegt de wet:

De Nederlandse wetgeving geldt voor iedereen, dus ook voor gebeurtenissen die zich binnen en buiten ZWK Merlet afspelen. In artikel 249 van het Wetboek van Strafrecht staat:
“Hij die ontucht pleegt met zijn minderjarig kind, stiefkind of pleegkind, zijn pupil, een aan zijn zorg, opleiding of waakzaamheid toevertrouwde minderjarige of zijn minderjarige bediende of ondergeschikte, wordt gestraft met een gevangenisstraf van ten hoogste zes jaren of een geldboete van de vierde categorie”.

2. Pesten 
Pesten betreft alle vormen van intimiderend gedrag met een structureel/herhalend karakter waarbij één of meer personen proberen een andere persoon fysiek, verbaal of psychologisch schade toe te brengen, waarbij de andere persoon zich niet kan verdedigen tegen dit gedrag. Nieuwe manier van pesten is het digitaal pesten. 

3. Bedreigen 
Pesten, discriminatie en/of belediging wordt bedreigen wanneer de andere persoon er bang van wordt en het een gevoel van onveiligheid veroorzaakt. In tegenstelling tot pesten is bedreiging wél strafbaar. Aan bedreiging hoeft niet altijd stelselmatig pesten, discriminatie of belediging vooraf te gaan. 

4. Discriminatie 
Discriminatie is het ongelijk behandelen en achterstellen van mensen op basis van kenmerken die er niet toe doen in een situatie. Er zijn 11 gronden van discriminatie: leeftijd, seksuele gerichtheid, godsdienst en levensovertuiging, etniciteit, geslacht (gender), nationaliteit, handicap of chronische ziekte, politieke overtuiging, burgerlijke staat, soort contract, arbeidsduur. (bron: www.discriminatie.nl

5. Mishandeling 
Mishandeling is het buiten de spel- en/of wedstrijdsituatie gebruiken van niet functioneel fysiek of psychisch geweld (zoals mishandeling, slaan van, trappen van, het geven van een kniestoot, het toedienen van een kopstoot, het geven van een elleboogstoot, etc.) dan wel het zeer ernstig bedreigen met concreet fysiek en psychisch gewelddadig handelen.

6. Belediging 
Belediging kan verbaal, via gezichtsuitdrukking of met gebaren plaatsvinden (bedoeld & 
onbedoeld). Het wordt ernstige belediging als het gaat om het opzettelijk aanranden van iemands eer of goede naam, op beledigende wijze, onafhankelijk van de juistheid van de betichting. Belediging van een ambtenaar in functie is strafbaar en ook als het slachtoffer een klacht indient.


Help het is mis! Incident

Wanneer je te maken krijgt met grensoverschrijdend gedrag is dat een teken dat de (sport)omgeving niet veilig meer is. Het kan veel emoties en vragen oproepen, ook als je er niet zelf het slachtoffer van bent, maar het ziet gebeuren. Blijf er niet mee rondlopen! Signaleer het en praat erover met iemand in wie je vertrouwen hebt. Direct signaleren en het in de openbaarheid brengen van grensoverschrijdend gedrag kan herhaling of het verergeren van de situatie voorkomen. 

Als je zelf te maken hebt (gehad) met grensoverschrijdend gedrag op je sportvereniging is het allereerst belangrijk dat je er niet alleen mee blijft rondlopen. Erover praten is vaak moeilijk. Bekijk hoe je kunt zorgen dat het gedrag niet meer plaatsvindt. Kun je zelf aan de pleger duidelijk maken dat je niet van zijn gedrag of opmerkingen gediend bent? Of kun je er met iemand over praten met iemand die je vertrouwt. Ga na of er een Vertrouwenscontactpersoon beschikbaar is in je sportvereniging om je verhaal kwijt te kunnen. Een vriend of vriendin, teamgenoot of iemand anders in de vereniging. Probeer samen op een rijtje te krijgen wat er gebeurt en wat je zou kunnen doen om de situatie te doorbreken. 

Als je liever met een onbekende wilt praten, kun je contact opnemen met het Vertrouwenspunt Sport van NOC*NSF of de Vertrouwencontactpersoon van KNZB. Je kunt daar je verhaal kwijt en je krijgt er deskundig advies. Als je wilt, krijg je ondersteuning van een van de vertrouwenspersonen of adviseurs van NOC*NSF. Zij zijn onafhankelijk, kennen de sportwereld en zijn opgeleid om vertrouwenswerk in de sport te doen. Ze helpen je om de juiste stappen te zetten. (De begeleiding is uiteraard kosteloos). 

Als je als vereniging geconfronteerd wordt met grensoverschrijdend gedrag, schroom dan niet om de Vertrouwenscontactpersoon van je eigen sportbond/eigen zwemclub óf het Vertrouwenspunt Sport te bellen voor advies. Er zijn speciale verenigingsadviseurs, die kunnen adviseren wat wel en wat niet te doen. 

Het Vertrouwenspunt Sport is bereikbaar van maandag t/m vrijdag van 08.00 tot 20.00 uur. Het nummer is 0900 - 202 55 90 (€ 0,10 per minuut). 
E-mail: Vertrouwenspuntsport@nocnsf.nl. Voor alle informatie zie www.nocnsf.nl/vertrouwenspuntsport.